Wandelen rond Sapa en markt in Bac Ha
13 maart 2009
In de trein maken we kennis met Michel en Eveline, twee Zwitsers die hier in de buurt twee maanden rondrijzen. We kletsen een paar uur voordat we gaan slapen en misschien wandelen we de eerste dag morgen wel samen! Zij doen twee overnachtingen bij een bergstam en wij gaan lui weer terug naar ons hotel.
We komen heel vroeg op het station in Lao Cai aan en moeten nog een uur wachten op de laatste mensen (die met een trein later komen). We rijden naar Sapa en checken in in het hotel. We hebben nog ruim tijd om ons om te kleden en te ontbijten. Om half 10 worden we opgehaald door onze gids. Het blijkt een vrouw van de zwarte H'mong te zijn die redelijk Engels spreekt. Haar halve dorp, allemaal in klederdracht, vergezelt ons tijdens de wandeling.
Het eerste stuk lopen we nog even over de weg voordat we de rijstvelden inzakken. Langs deze weg wordt Steffen door een auto geraakt. Een auto reed hard en vlak langs ons en hij hield z'n hand langs z'n hoofd als bescherming en die raakte de spiegel die omklapte. De chauffeur is laaiend, we moeten 4 miljoen dong (200 euro) betalen voor de kapotte spiegel (de spiegel was niet kapot overigens, hij zat wel los, maar waarschijnlijk was dat al). Als we zeggen dat hij juist ons zou moeten betalen omdat hij Steffen aanrijdt, wordt hij heel boos, pakt een steen en neemt een dreigende houding aan (alsof hij wil gooien of slaan met die steen). Godzijdank waren we met meer mensen, maar uiteindelijk heeft hij drie keer die steen weer opgeraapt en heeft hij een paar keer Steffen vastgepakt en door elkaar geschud. Het werd een hele nare situatie waar we niet meer uit konden komen. Een gids van een andere groep probeert te bemiddelen. De chauffeur wil nu 100 dollar en die gids zegt dat we in het midden uit moeten komen, dus bij 50 dollar. Intussen is er een brommer gestopt met daarop een Engelse man met zijn Vietnamese vrouw. Zij praat met de chauffeur en zegt tegen ons dat hij zegt dat wij rijke toeristen zijn die best 100 dollar kunnen missen. De Engelse man zegt dat dit elke dag wel gebeurt, het is gewoon een manier om toeristen af te persen. Ons hotel wordt gebeld en uiteindelijk spreken we af dat de chauffeur vanmiddag z'n geld komt halen bij het hotel en daar een geschreven brief ondertekent, zodat wij misschien nog iets bij de verzekering kunnen claimen (daar gaan we niet vanuit, maar we wilden ook niet zomaar 50 dollar geven en verder nix).
We hebben het dus meteen al gehad met Sapa. Oh die chauffeur zei dat hij uit Hanoi kwam, dus daar heb je het al, tuig.

We lopen verder en al gauw zakken we de rijstvelden in. De omgeving is prachtig en het is erg gezellig met Michel en Eveline. Zij gaan dus een homestay doen en wij worden met een jeep teruggereden naar Sapa aan het einde van de dag. Onze groep bestaat verder nog uit twee Canadezen, die dit zien als een voorproefje voor wat straks komen gaat, in 19 dagen Annapurna wandelen. Verder zijn er twee Russische meiden, die niet zoveel melden. Met z'n achten lopen we door kleurrijke dorpjes, door rijstvelden, het is allemaal schitterend, maar ik kan niet vergeten wat er vanmorgen is gebeurd. Het was eigenlijk gewoon een overval, iemand rijdt je aan en eist geld omdat jij z'n auto stuk hebt gemaakt. Ik ben boos, maar gelukkig zijn onze gids en de andere bergvrouwen heel erg lief. Af en toe pakken ze m'n hand of m'n arm vast en vertellen me dat 'the Vietnamese are bad people'. Daar waren we al achter ja.
Als we in een houten hutje lunchen, staan er 6 leurende kinderen bij het raam (zonder glas uiteraard, gewoon een gat in de houten muur). Ze willen armbandjes verkopen. De bergvrouwen die met ons meeliepen en vertelden over hun gezin en hun leven en uitgebreid vroegen naar ons, willen nu opeens ook dolgraag portemonnees, armbanden, dekens en riemen verkopen.
Aan het einde van de wandeltocht zijn we bij de homestay voor Michel, Eveline en het Canadese paar. Maar het is niet zoals je zou verwachten. In een groot dorp, Ta Van, is gewoon een soort jeugdherberg met een grote slaapzaal (zonder bedden). Compleet met koelkast, pooltafel, tafels en stoelen buiten op de veranda, enz. Niet een homestay bij een lokale familie dus. Ik ben blij dat wij dat wel hebben gedaan in Chiang Mai (en in Peru ook trouwens). Maar toch had ik hier vannacht graag gebleven. Alles liever dan terug naar Sapa om die engerd, die vreselijke oneerlijke, gewelddadige man weer te moeten zien.
In Sapa staat hij ons niet bij het hotel op te wachten, wat ik wel had verwacht. We geven het geld af bij de receptie, zij moeten het maar geven, wij willen 'm nooit meer zien. Als ik 'm zie, sta ik niet voor mezelf in, m'n nagels zijn zo lang, ik zou 'm zo z'n ogen uitkrabben, wat hij ook verdient. Maar goed, dat zijn wraakzuchtige gedachten waar je je tijdelijk even goed bij voelt, maar eigenlijk voelen we ons heel erg weerloos en machteloos.
Als we 's avonds uit onze kamer komen om te eten, is het geld weg. Van de receptie van het hotel overigens geen medeleven ofzo, heel gezellig.
14 maart 2009
Vandaag wandelen we met z'n vieren, wij en een Canadees stel (niet dezelfde als gisteren). Onze gids is weer een vrouw van de zwarte H'mong bergstam en heet Ya. Haar zus loopt ook met ons mee. We lopen precies de andere kant op van gisteren. De omgeving is ook hier schitterend, rijstterrassen, bergen, riviertjes, dorpjes met rode Dzao en we genieten er vandaag meer van dan gisteren.

We lopen over een weg omhoog en omlaag, over smalle stukjes waar de weg is weggezakt en over de dammetjes tussen de rijstvelden, waar we soms veel moeite moeten doen om geen natte voeten te krijgen. Het weer is schitterend. De lucht is blauw en de zon maakt dat we het warm hebben. Er waait een heel fris windje (ik denk dat we tussen de 1500 en 2000 meter wandelen), waardoor ik m'n trui telkens uit en weer aantrek.
Halverwege komt een half tandenloos vrouwtje met een mand op haar rug met ons meelopen. Ze is 54 jaar en heeft 4 kinderen en wil weten waar wij vandaan komen, hoe oud we zijn, of we getrouwd zijn en hoe we heten. Maar uiteindelijk wil ze ook gewoon zelfgehaakte tassen verkopen. Wat wel opvallend is, is dat de bergstammen vriendelijk en beleefd blijven, als je niets wilt kopen. Een gesprek eindigt altijd met, maybe tomorrow of maybe next time you visit Vietnam.
We hadden al een beetje spierpijn van gisteren maar als we stoppen voor de lunch, ben ik blij dat ik even kan zitten. We lunchen bij een hutje in een dorp, waarvan de man en vrouw die er wonen gewoon in spijkerbroek en tshirt lopen. Ze hebben een baby die net kan lopen. Wat opviel, was dat ze hier niet aan luiers doen, maar gewoon een gat aan de voorkant van z'n broekje maken, zodat ie overal makkelijk kan plassen... Z'n vader pakt 'm op en zet 'm voorop z'n brommer. Hij start de brommer terwijl ie nog op de jiffy staat en het kereltje heeft de tijd van z'n leven :)
We lopen nog een klein stukje en dan zijn we in het dorp waar we worden opgehaald door een busje om terug te gaan naar Sapa. We zijn te vroeg, dus is er nog tijd voor een grot. We wisten niet dat we daarheen liepen, maar bij de grot aangekomen stormt er een groep kinderen op ons af die zaklampen in onze gezichten duwen. 5000 dong moesten die kosten en ze bleven maar zwaaien met die zaklampen en roepen en trekken aan je mouw. Ze konden ook het licht aandoen in de grot (!) maar daar moesten we dan 20.000 dong voor betalen. Ik hoef niet zo nodig weer in een grot, in Vang Vieng heb ik genoeg grot gezien al deze vakantie. We lopen weer terug en nog een steile heuvel op en af en dan is het tijd om terug te gaan naar Sapa.
We drinken een biertje op een terrasje in de zon en daarna ga ik heel lui in bad :)
15 maart 2009
We moeten er al heel vroeg uit, omdat we om 7 uur vertrekken naar Bac Ha. Als het rustig is, kan het restaurant van ons hotel in 5 minuten ons ontbijt op tafel zetten, maar nu meer mensen tegelijkertijd bestellen duurt zelfs een thee 25 minuten...
Met een gare bus rijden we weer de berg af naar Lao Cai, waar we nog wat mensen van de trein oppikken. De weg naar Bac Ha is weer bochtig door de bergen. In het begin zien we mensen nieuw asfalt neerleggen. Even later zien we dat dat maar goed is ook, want er is weinig weg meer over tussen de kuilen. Vroeger, als je ging wipwappen, was het het leukste als je heel hard ging. Zo hard dat de ander als die boven kwam, van de wip los kwam. Zo is onze rit ook ongeveer 2 uur lang. Onze chauffeur kan echt niet rijden, hij blijft te lang in een hoge versnelling zitten en heeft inhalen vlak voor blinde bochten tot een kunst verheven. Het is maar goed dat ik rechts achterin zit.
In Bac Ha is elke zondag een grote markt van en voor alle mensen uit de omgeving. Allerlei bergstammen zijn vertegenwoordigd op een markt waar ploegen, rijstwijn, varkens, waterbuffels, vis, vlees, plastic manden, bamboe manden, enzovoort worden verkocht. De vrouwen in klederdracht zijn prachtig en het is erg druk. Je schuifelt vlak langs elkaar en soms is dat wat minder fijn, bijvoorbeeld langs een man met lange nagels vol met bloed en slachtafval.

We brengen nog kort een bezoekje aan een traditioneel huis van de Flower H'Mong. De bewoonster is erg vriendelijk en kletst gezellig met ons (onze gids vertaalt).
Terug in Lao Cai moeten we 4 uur wachten tot de trein vertrekt. We drinken biertjes met An en Alec, met wie we gisteren ook hebben gewandeld. Alec vindt Turkije en Indonesie aanraders om op vakantie te gaan en ook Cuba en Equador zijn aan te bevelen. We houden het in ons achterhoofd voor een volgende reis :)
Om 20.10h vertrekt onze slaaptrein naar Hanoi.


